Arnhemse kloosters 1400-1580 |
||
Centra van ontwikkeling
|
||
![]() |
||
In 1404 werd even buiten de stad bij het voormalige landgoed van de burgemeesters Van Presickhave een vrouwenklooster gesticht met de naam Bethanië. Het klooster, dat in 1426 werd ingewijd, had een speciale schrijfkamer, waarin nonnen gebedenboeken overschreven. De met goud uitgevoerde blauwe beginletters van ieder hoofdstuk vormen een prachtig geheel met de ranke versieringen in de kantlijn. |
|
|
Het grondgebied van Arnhem was in de negende eeuw vooral in bezit bij de kloosters van Elten en Prüm. Op eigen kloostergebouwen moest de stad nog 500 jaar wachten. In de veertiende eeuw werden buiten de stad twee kloosters gebouwd. In de 1342 stichtten monniken van de Kartuizerorde ten oosten van de stad het klooster Monnikenhuizen. Westelijk van de stad verscheen het Augustijnenklooster Mariëndaal. Dit klooster volgde al snel de regels van de Moderne Devotie. Dat deden ook de nonnen, ‘de zusters des gemeenen levens’, van het klooster Bethanië. De Moderne Devotie had een stevige basis in Arnhem, want ook een derde klooster liet zich inspireren door de ideeën van Geert Grote en Thomas a Kempis. Dit Agnietenklooster werd in 1404 binnen de stadsmuren aan de beek gesticht. |
||
Monnikenhuizen
|
||
![]() |
||
De begraafplaatsen van de in de groene heuvels gelegen kloosters Mariëndaal en Monnikenhuizen werden de laatste rustplaats van veel graven en gravinnen van Gelre. Op deze negentiende-eeuwse tekening van de begrafenis van hertog Willem I in 1402 op Monnikenhuizen is de ligging van het klooster en de verhouding tussen monniken en boerenvolk fantasierijk en toch scherp weergegeven. |
Stenen Tafel Mariendaal |
|
(C) 2005 - Alle rechten voorbehouden |
||