Naam: De Waag Adres: Markt 38/Turfstraat 1, Arnhem Bouwjaar: 1761-1768 Stijl: Barok/Lodewijk XIV (Turfstraatzijde), Rococo/Lodewijk XV-XVI (Marktzijde) Architect: Hendrik Viervant Opdrachtgever: Gemeente Arnhem Restauratie: 1959-1961 Beeldhouwwerk frontons na restauratie: Eduard van Kuilenburg (1922-1960) Oorspronkelijke tympanen vermoedelijk door Jacob Otten Husly (familie van Viervant) Gebruik bij oplevering: Stadswaag Gebruikershistorie: 1998-2007: Proeflokaal De Waag vanaf 2007: De Nieuwe Waag
|
 |
Waag, 1790
|
In 1745 en 1751 had de gemeente beslag weten te leggen op de grond op de hoek van Markt en de Turfstraat door twee huizen, “De Trap” en “De Kelder” aan te kopen. Na sloop van deze huizen werd tussen 1761 tot 1768 op kosten van de gemeente het nieuwe Waaggebouw gebouwd door stadstimmerman Hendrik Viervant in een gemengde barok- en rococostijl. Het gebouw moest de Waag vervangen die daarvoor in de voormalige kerk van het St. Catharina Gasthuis in de Bakkerstraat was gevestigd. Het pand bestond behalve uit de waagruimte zelf ook uit een ingebouwd woonhuis met de ingang aan de Turfstraat. In 1771 waren de graanprijzen zo gestegen dat de bovenlokalen van het pand dienst deden als graanmagazijn. Rond het midden van de negentiende eeuw vond het Stedelijk Gymnasium onderdak in het gebouw. Tussen 1880 en 1917 was op de bovenverdieping het Stedelijk Museum van Oudheden gevestigd, voordat deze verplaatst werd naar de Utrechtseweg in de voormalige Buitensociëteit. Het museum was eigenlijk één grote ruime kamer op de bovenverdieping van de Waag. Daar stonden o.a. de inboedel en verzamelingen van de in 1897 overleden Alexander VerHuell opgesteld. De firma Sanders sloeg vanaf 1921 tot de Tweede Wereldoorlog op de begane grond van het gebouw haar marktkramen voor de markt op. Tussen 1936 en 1940 had de Burgerwacht het gebouw betrokken om in de bezettingsjaren (1940-44) plaats te maken voor het distributiekantoor. De Stadswaag werd in september 1944 tijdens de Tweede Wereldoorlog vrijwel geheel verwoest door brand. Van het interieur en de inboedel is alleen het originele weeginstrument "de waag" gespaard gebleven. De buitenmuren bleven voor een deel bewaard. De gebeeldhouwde frontons gingen verloren, maar de rest van de gevel met de chique en rijk versierde ingangspartijen overleefden het oorlogsgeweld. Het gebouw werd tussen 1959 en 1961 geheel gerestaureerd en werd eigendom van de Nederlandse Hervormde Kerkvoogdij. Daarna hielden er de Gelderse afdeling van het CDA en de Stichting Arnhem Promotion er kantoor. Bij de restauratie werden nieuwe frontons, van de hand van Eduard van Kuilenberg, die ook meewerkte aan de restauratie van de Grote of Eusebiuskerk, geplaatst. De te jong gestorven Van Kuilenberg vervaardigde de beeldhouwwerken in 1959, één jaar voor zijn onverwachte dood. In 1996 verkocht de gemeente Arnhem het gebouw aan particulieren. Sinds 1998 was er de horecagelegenheid ‘Het Proeflokaal De Waag’ gevestigd. In 2007 werd exploitant Willem Verwoert opgevolgd door het Arnhemse horeca-echtpaar Ans en Ed Arns. Zij gingen verder onder de naam ‘De Nieuwe Waag’.
|
 |
|
Burgers, J. e.a. (2001). Toppers 3. Smaakmakende etablissementen. Arnhemse cafés en restaurants. Velp: Stichting Arnhemse Verbeelding. pp. 8-9.
Caderius van Veen, D. & Ploeg, H. van der (1996). Verliefd op Arnhem. Deel 2. Arnhem: Arnhemse Courant/Gelders Dagblad. p. 25.
Dalman, R.S. (1993). Groeten uit een veranderend Arnhem. Tussen 1893 en 1993 ligt een eeuw. Zaltbommel: Europese Bibliotheek. p. 58.
De Gelderlander.
Dunk, Th. H. von der (1997). Viervant in Gelderland. De opkomst van een Arnhems geslacht van bouwmeesters in de achttiende eeuw. Een tweede overzicht van een architectonisch familie-oeuvre. In: Bijdragen en Mededelingen Gelre, deel LXXXVIII, 1997, pp. 102-139.
Graswinckel, D.P.M. (1933). Een wandeling door Arnhem in vroegere eeuwen. In: Arnhem Zeven Eeuwen Stad. Officieel gedenkboek. Arnhem: Hijman, Stenfert Kroese en Van der Zande N.V. Boekverkoopers. pp. 160-161.
Jeurissen, A.P.J. & Wientjes, R.C.M. (2005). Arnhem na de oorlog 1945-1970. Arnhem: Gijsbers & Van Loon. nr. 7.
Markus, A. (1906). Arnhem omstreeks het midden der vorige eeuw met geschiedkundige aanteekeningen. Arnhem: Gijsbers & Van Loon, 1975; ongewijzigde herdruk van de uitgave uit 1906. pp. 114.
Schaap, K. & Stempher, A.S. (1973). Arnhems Oude Stadshart. Arnhem: Gemeentearchief Arnhem. pp. 96-97
Schaap, K. & Stempher, A.S. (1989). Arnhem omstreeks 1865. Arnhem: Gouda Quint bv. p. 79.
Schulte, A.B.C. & Schulte, A.G. (2004). De verdwenen stad. Arnhem voor de verwoesting van 1944-1945. Utrecht: Uitgeverij Matrijs. pp. 23-24.
Stempher, A.S. (1968). Sjouwen door Oud-Arnhem. Arnhem: Gijsbers & Van Loon. p. 56.
Stempher, A.S. (2003). Arnhem zo was het, deel 1. Hoevelaken: Verba. nr. 31, 32.
Stenfert Kroese, H.E. & Neijenesch, D. W. (1919). Arnhem en zijn toekomstige ontwikkeling. Arnhem: Thieme. pp. 132.
Afbeeldingen uit bovenstaande literatuur, Bibliotheek Arnhem (o.a. Gelderland in Beeld), Gelders Archief (o.a. Topografische Historische Atlas) en Historisch Museum Arnhem. Foto’s 2005-2008: Stijn en Jan de Vries.
|